Nieuwsbrief week 28
- Jori Aerden

- 9 jul
- 2 minuten om te lezen
De highway to hell. Vol goede intenties en falende beleidsplannen.
1 minuut over waarom een mondmaskerplicht de straten van Amsterdam onveiliger maakte
In de zomer van 2020 dacht het stadsbestuur van Amsterdam het ei van Columbus te hebben gevonden. Om de verspreiding van Covid tegen te gaan, werd een mondmaskerplicht ingevoerd op de drukste plekken: de Kalverstraat, de Nieuwendijk en delen van de Wallen.
De logica achter de redenering was simpel: "Hier lopen de meeste mensen, dus als we hier veiligheid afdwingen, winnen we."
Maar hier gaat het vaak mis bij beleidsmakers: ze zien mensen als pionnen op een schaakbord die braaf blijven staan waar je ze neerzet. In de realiteit zijn we biologische wezens die geprogrammeerd zijn om frictie te vermijden. Om ongemak te vermijden. Een warm mondkapje is ongemakkelijk én dus frictie. Precies het soort cerebrale candy waar het menselijk brein altijd een weg omheen vindt.
Wat er gebeurde, was een schoolvoorbeeld van wat men displacement noemt.
Mensen stopten niet met wandelen, ze pasten simpelweg hun route aan naar de straten waar de regels niet golden. De brede Kalverstraat was leeg op papier, maar de nauwe zijsteegjes en omliggende straten werden levensgevaarlijke knelpunten.
De interventie loste het risico niet op; ze verschoof het alleen naar de schaduw waar geen controle meer mogelijk was. Het resultaat was wat we noemen 'pervers': burgemeester Femke Halsema wilde veiligheid, maar ze kreeg een onbeheersbaar waterbed-effect. Het systeem paste zich aan de regel aan, maar door de menselijke natuur te negeren, werd het probleem in de schaduw alleen maar groter.
30 seconden over hoe je perverse neveneffecten voorkomt
Ik wil niet belerend of pedant klinken, maar ik vind het ergens plezant om organisaties met de blinde vlekken in hun strategie te confronteren. Als gedragsexperts kijken we met een ander paar ogen naar de plannen.
Wil je voorkomen dat jouw interventie een boemerang wordt? Kijk dan verder dan je neus lang is:
Identificeer de 'frictie-omweg': Als je gedrag A bemoeilijkt (bijv. door een regel), wat is dan de makkelijkste ontsnappingsroute? Dáár gaat je publiek naartoe.
Audit het hele systeem, niet de straat: Gedrag vindt plaats in een ecosysteem. Verander je één variabele, dan verschuift de rest mee. Breng die verschuiving vooraf in kaart.
Test op displacement (verplaatsing): Meet niet alleen het succes op de doel-locatie, maar monitor ook de 'lekkage' naar andere plekken.
Ontwerp voor menselijke luiheid: Ga er altijd van uit dat de gebruiker de regel probeert te omzeilen als deze te veel frictie oplevert. Bouw je oplossing rondom die realiteit.
Kort maar krachtig
Gedrag is geen lineair proces dat je met een instructie aanstuurt; het is een dynamisch systeem. Wie alleen kijkt naar de plek waar hij duwt, wordt vroeg of laat ingehaald door de neveneffecten. In een volgende nieuwsbrief duikt Max dieper in het systeemdenken en gedrag, maar onthoud voor nu: echte impact ontstaat nooit door de pion te corrigeren, maar door het speelveld te herontwerpen.
Tot de volgende keer!
Jori



